Regie: David Fincher
In voorganger Aliens (Cameron, 1986) verlieten Ripley, corporal Hicks, android Bishop en meisje Newt – na het verslaan van een Alien Queen – de Sulaco in het reddingsschip Narcissus. Alien³ speelt zich af in hetzelfde jaar, 2179, want het gaat niet zo goed aan boord van de Narcissus. Er blijkt een facehugger te zijn meegelift die Hicks, Bishop en Newt heeft vermoord en het reddingsschip heeft stukgemaakt. Het stort neer op planeet Fiorina “Fury” 161, waar een dwangarbeidinrichting van Weyland-Yutani gevestigd is.
De inrichting wordt bevolkt door louter mannen, waarvan een deel gelukkig een strenge religie aanhangt waarbij een kuisheidseed afgelegd moet worden. Dat betekent niet dat Ripley welkom is, want haar aanwezigheid maakt de gevangen onrustig.
Al snel komt ze erachter dat er een xenomorph rondrent in de inrichting – maar natuurlijk wordt ze in eerste instantie niet geloofd. Na de nodige ‘bewijzen’ moeten zij en de gevangenen samenwerken om hun leven te redden. Als blijkt dat er iets met Ripley aan de hand is, worden de motieven van Weyland-Yutani om haar zo snel mogelijk op te halen duidelijker, en moet ze ook nog proberen te voorkomen dat het hen lukt.
De productie van de film had heel wat voeten in de aarde, waarover je meer kunt lezen bij de weetjes onderaan. De korte versie is dat er iets was dat op een script leek, maar niet door James Cameron was geschreven (wat wel het geval was bij de eerste opvolger). Hij werd wél gevraagd te regisseren, maar dat weigerde hij omdat de personages Hicks, Newt en Bishop – die hij zelf had opgebouwd in Aliens – meteen het loodje legden. Hij vond die keuze ‘het stomste wat je kunt doen’ en wilde niet meewerken aan een film die zijn verhaal verruïneerde. Uiteindelijk kwam de regie terecht bij de 28-jarige David Fincher, die tot dan toe bekend was van de muziekvideo’s voor de topsterren uit die tijd. Alien³ was zijn eerste speelfilm.
Alien³ is wat mij betreft een schoolvoorbeeld van een vervolg dat voortkomt uit commerciële, in plaats van creatieve drijfveren. Het is in technisch opzicht geen slechte film, al is er onder élke scène muziek te horen en wordt er zwaar ingezet op schrikeffecten. De cast is sterk: naast terugkerende gezichten Sigourney Weaver en Lance Henriksen zijn onder meer Charles Dance, Charles S. Dutton, Paul McGann en Pete Postlethwaite te zien. Alleen komen hun acteerkwaliteiten niet tot hun recht in dit feest van oppervlakkigheid – zelfs het acteerwerk van Weaver is veel minder sterk dan in de eerste twee delen.
Hoewel de hoofd-verhaallijn redelijk helder is, worden er sublijnen opgezet die rommelig of soms zelfs overbodig zijn. Zo boden de religie van de gevangenen en een aantal personages interessante mogelijkheden die niet benut zijn – alleen de arts heeft een backstory, maar die heeft geen enkele toegevoegde waarde. De keuzes van de personages zijn niet te volgen: het wordt Ripley streng verboden zich onder de gevangenen te begeven maar ze loopt vrijelijk rond, en er lijkt een echte, vriendschappelijke connectie tussen haar en de arts te zijn, die vervolgens letterlijk platgeslagen wordt door een totaal onverwachte seksuele wending die niets toevoegt. De keuzes die Ripley in het laatste deel van de film maakt – of juist níet maakt – zijn ronduit bizar: ze passen totaal niet bij de moedige Ripley, en er waren veel logischere en snellere manieren om te bereiken wat ze probeert te doen. Maar goed, dan had de franchise natuurlijk niet nog eens uitgemolken kunnen worden in een vierde Alien‑film.
De film was een commercieel succes, maar werd door critici niet goed ontvangen. De legendarische filmcriticus Rogert Ebert zei het het best: “[Alien³ is] probably the best-looking bad movie I’ve seen in a while.” De Academy dacht er ook zo over, en nomineerde de film voor de Beste Visuele Effecten.
Fincher zwoer nooit meer een film te maken zonder creatieve controle en weigert tot op de dag van vandaag over Alien³ te praten, de film die zijn kersverse carrière bijna in de kiem had gesmoord. Sigourney Weaver heeft een grote bijdrage geleverd aan het redden van die carrière, door openlijk zijn kant te kiezen tegen Fox en het voor hem op te nemen in interviews. Hij revancheerde zich drie jaar later met Seven (1995) en zou later nog veel meer succesfilms afleveren zoals The Game (1997), Fight Club (1999), The Social Network (2010) en Gone Girl (2014).
Deze film op IMDb
Klik hier om te zien waar je deze film kunt kijken
Onder de trailer kun je de weetjes vinden.
Ben je een Alien-purist? In het artikel De Alien-Franchise kun je alle films- en series vinden op de juiste volgorde, en meer informatie over de namen van alle ruimteschepen in de franchise.
Als je je wel hebt kunnen neerleggen bij de crossover met Predator, kun je op de site ook een chronologisch overzicht vinden van alle Alien- én Predatorfilms en -series vinden inclusief korte beschrijvingen en relevante info, zoals de botsing in de tijdlijnen of de ontwikkeling van Weyland-Yutani.
De totstandkoming van Alien³: development hell
De Assembly Cut (die met de os)
Overige weetjes
De totstandkoming van Alien³: development hell
Na het enorme succes van Alien (1979) en Aliens (1986) wilde 20th Century Fox snel een derde deel. Ze wilden niet nogmaals de militaire insteek van de voorganger, maar hoe het er dan wél uit moest zien wisten ze niet. Wat volgde was jarenlange zoektocht naar een nieuw verhaal.
Maar liefst tien schrijvers waagden hun kans. De eerste was William Gibson, die een cyberpunkachtig script afleverde met een Koude Oorlog‑metafoor, maar dat werd te afwijkend bevonden (kort daarna werd wel een ander verhaal van hem met succes verfilmd, Johnny Mnemonic in 1995).
De volgende was Eric Red (de schrijver van The Hitcher uit 1986), wiens verhaal nog verder afweek van de vorige twee films – een soort Truman Show on acid, waar Ripley niet eens meer in voorkomt. Je kunt het hele verhaal hier lezen (Engels). Ook dat werd direct afgewezen.
David Twohy, het brein achter onder meer The Fugitive (1993) en Waterworld (1995), was de volgende die de handschoen oppakte. Hij introduceerde het idee van een gevangenisplaneet. Het concept bleef hangen, maar ook zijn versie haalde het niet.
De meest opvallende poging kwam van Vincent Ward en John Fasano, die een klooster-satelliet bedachten, Arceon, met middeleeuwse monniken die niks met moderne technologie te maken wilden hebben. Ward zou ook de regie op zich nemen, maar haakte af na creatieve conflicten met Fox, dat een toegankelijkere blockbuster wilde.
Toen Ward vertrok, zat Fox met een naderende releasedatum, half gebouwde sets en geen bruikbaar script. Uiteindelijk schreven de toenmalige vaste producenten van de Alien-reeks, Walter Hill en David Giler, een script waarin de gevangenisplaneet en de monniken gecombineerd werden. Ward kreeg wel een ‘story by’-eindcredit. In 2008 zette de London Times Online de ‘monks in space’-versie van Ward bovenaan de lijst ‘greatest sci-fi movies never made’.
Voor de regie werd de jonge David Fincher aangetrokken. Die had zijn visuele talent bewezen in zijn muziekvideo’s, en omdat Alien³ zijn eerste speelfilm was verwachtte Fox dat hij ook makkelijk te sturen zou zijn. Fincher begon te draaien zonder definitieve versie van het verhaal; scènes en teksten werden herschreven terwijl de camera’s al liepen (wat ook Weavers wisselende acteerwerk verklaart) en er moesten regelmatig noodoplossingen worden bedacht voor de half-afgemaakte sets. De studio bemoeide zich intensief met de inhoud en Fincher bleek minder kneedbaar dan verwacht, wat leidde tot voortdurende conflicten en een regisseur die nauwelijks creatieve controle had.
De Assembly Cut (die met de os)
In december 2003 verscheen de Alien Quadrilogy-boxset, met daarin een nieuw samengestelde versie van Alien³ onder de naam Assembly Cut. Het is een reconstructie van David Finchers oorspronkelijke workprint (die de studio destijds had afgewezen) met nieuwe kleurcorrectie, extra special effects en een opnieuw gemixte 5.1‑geluidsmix. In een aantal scènes is er echter sprake van slechte set‑audio, vooral doordat rook- en stoommachines tijdens de opnames veel dialoog overstemden. Door tijd- en budgetdruk was er geen mogelijkheid om deze dialogen opnieuw op te nemen; optionele ondertitels geven de tekst weer zoals bedoeld. De Alien Anthology-blu-raybox uit oktober 2010 bevat dezelfde Assembly Cut als de dvd‑versie uit 2003, maar in die versie was er wél extra dialoog opnieuw ingesproken.
Hieronder staan de belangrijkste verschillen in de Assembly Cut:
-
-
- Ripley wordt aangespoeld op het strand gevonden door de arts, Clemens, niet in de Narcissus. Een groep gevangenen gaat vervolgens met ossen naar het strand om de Narcissus uit het water te halen, die in deze versie direct aan het strand is neergestort.
- Na de reddingsscène in de Assembly Cut zegt 85 in de eetzaal dat iedereen moet kalmeren, waarna Dillon een preek houdt vóór Andrews zijn eerste ‘rumor control’-toespraak houdt. In de bioscoopversie begint de scène meteen met Andrews’ ‘rumor control’-toespraak.
- Vlak voor Newts autopsie is er een scène waarin Clemens, Ripley en gevangene Kevin via de spiraaltrap de mortuariumruimte in lopen. Clemens vraagt Ripley waarom ze zo zeker wil weten dat Newt dood is, en vraagt ook of Newt haar dochter was. Ripley ontkent dat.
- Trouw aan Finchers visie komt de xenomorph uit een os, niet uit een hond. Er is een scène waarin twee gevangenen een os genaamd Babe naar de slachtplaats slepen nadat het dier plotseling is ingestort en gestorven. Ze speculeren over de doodsoorzaak en maken wat stoere opmerkingen over Ripley. De scène eindigt wanneer een van hen een vreemd dood wezen naast het karkas vindt (een dode ‘super-facehugger’).
- In deze versie wordt de begrafenisscène afgewisseld met beelden van de jonge xenomorph die uit de dode os komt (in de bioscoopversie uit de hond), en eindigt met een nieuw digitaal shot waarin het wezen zijn eerste stappen zet en wegrent.
- Net voordat Ripley met haar versgeschoren hoofd de eetzaal binnenkomt na de begrafenis, klagen de gevangenen Boggs en Rains bij Dillon over Golic. Ze zeggen dat hij gek is en stinkt, en dat ze niet met hem in de tunnels willen werken. Dillon zegt dat Golic hun broeder is en dat ze moeten ophouden met zeuren.
- De scène waarin Ripley en Dillon in de kantine praten over verleidingen eindigt nu op een shot van Dillon, terwijl deze in de bioscoopversie op Ripley eindigde.
- Na Murphy’s dood volgt er meer dialoog tussen Ripley en Clemens over waarom de lichamen gecremeerd moesten worden.
-
Overige weetjes
Er bestaat geen Directors Cut: Fincher werd tijdens de postproductie zó vaak tegengewerkt dat hij uiteindelijk de montagekamer uit liep om nooit meer terug te komen. Vandaar dat de Assembly Cut een reconstructie is, en niet zijn eigen versie – hij werkte niet eens mee aan de Assembly Cut.
De reden dat er in de Assembly Cut een os te zien is, en een hond in de uiteindelijke bioscoopversie, was omdat Fox een os ‘te raar’ vond. Het moest volgens hen een hond zijn, omdat dat ‘emotioneel herkenbaarder’ zou zijn voor het publiek. Daarom werden de scènes met de hond achteraf opgenomen.
De conflicten tussen Fincher en de studio waren zó hoog opgelopen, dat hem de toegang tot de ziekenboeg-set ontzegd was voor het filmen van de scène tussen de xenomorph en Ripley. Tegen de instructies in sleepte Fincher een camera en Weaver mee en draaide de scène toch. De scène haalde niet alleen de definitieve versie van de film, maar werd ook prominent gebruikt in de trailers en leverde het meest iconische beeld van de hele film op.
Sigourney Weaver was bijna niet teruggekeerd als Ripley. Omdat Fincher alleen ervaring had met muziekclips twijfelde Sigourney Weaver of ze de rol wel zou aannemen.
Ook Lance Henriksen had zijn twijfels. Henriksen wilde niet nogmaals een vlakke androïde spelen. Er werd een oplossing gevonden: hij speelt in Alien³ Michael Bishop, de menselijke ontwerper van de androïde.
Er was begonnen met de bouw van een enorme, dure set voor Wards klooster-satellietconcept. Toen dat werd geschrapt, werd een deel omgebouwd tot het gevangeniscomplex op Fiorina 161. Veel ruimtes zie je maar één keer of zelfs helemaal niet.
Alle castleden lieten hun hoofd kaalscheren, behalve Charles S. Dutton die een clausule in zijn contract had laten opnemen dat hij zijn haar niet af hoefde te scheren. Dutton moest dus een bald cap dragen tijdens de opnamen, die uren duurde om aan te brengen. Voor Sigourney Weaver was het precies omgekeerd: zij moest buiten de set een pruik dragen, omdat haar tweejarige dochter Charlotte van streek raakte van haar moeders kaalgeschoren hoofd.
![]()

