Blade Runner (1982)

Regie: Ridley Scott

Blade Runner schetst een dystopisch beeld van de wereld anno 2019: donker, vervuild en vervallen. Het merendeel van de (rijkere) mensheid is weggetrokken naar andere planeten. De Tyrell Corporation heeft androïden ontwikkeld, die nauwelijks van mensen te onderscheiden zijn en in vervuilde omgevingen kunnen werken. Na een opstand van de androïden, die in de volksmond replicants worden genoemd, wordt ze verboden om nog naar de aarde te komen. Als dat toch gebeurt worden ze opgespoord en uitgeschakeld door een speciale politie-eenheid in Los Angeles, de Blade Runners. De ervaren en cynische Rick Deckard (Harrison Ford) is zo’n Blade Runner, en hij krijgt de opdracht om een groep muitende replicants onder leiding van Roy Batty (Rutger Hauer) op te sporen. Omdat ze nauwelijks van mensen te onderscheiden zijn, en niet alleen uiterlijk, blijkt die zoektocht veel complexer dan hij had voorzien.

De film is gebaseerd op het boek Do Androids Dream of Electric Sheep (1968) van Philip K. Dick. Je zou het niet zeggen door de iconische status die Blade Runner inmiddels heeft, maar de film werd in eerste instantie niet goed ontvangen. Harrison Ford was op het moment van uitkomen vooral bekend als extraverte actieheld door zijn rollen in blockbusters als Star Wars en Indiana Jones, dus publiek en critici verwachtten een vrolijke actie-scifi. Ridley Scott had drie jaar ervoor het minstens even atypische Alien afgeleverd, maar Blade Runner was veel filosofischer en bedachtzamer, en Harrison Ford een zwijgzame smeris die probeert gewoon zijn werk te doen, maar kwetsbaarder blijkt dan hij dacht.

Nee, Blade Runner is geen flitsende actie-scifi. De wereld die is geschapen is smerig, donker en het regent non-stop – de term future noir is uitgevonden voor Blade Runner. De schitterende soundtrack van Vangelis speelt een belangrijke rol in de sfeer die wordt gecreëerd. Er zijn wel wat futuristische elementen te zien, zoals de vervoersmiddelen of interieurs van de rijkeren, maar het merendeel is vervallen, verlaten en vies. De decors zijn werkelijk schitterend, met als hoogtepunten het Bradbury-gebouw in LA en het hoofdkantoor van de Tyrell Corporation.

De special effects en actiescenes zijn – hoewel soms spectaculair – louter functioneel, de verhaallijn gelaagd en complex, de dialogen zijn sterk en de castleden (onder meer Edward James Olmos, M. Emmet Walsh, Daryl Hannah, William Sanderson, Brion James, Joanna Cassidy en vooral Rutger Hauer) spelen stuk voor stuk de sterren van de hemel. Het camerawerk van Jordan Cronenweth (inmiddels overleden) is indrukwekkend. Zoals hij later in een interview zou uitleggen: “Ridley vond dat de beeldstijl in Citizen Kane het dichtst in de buurt kwam van de look die hij voor Blade Runner wilde hebben. Dus onder meer een hoog contrast, ongebruikelijke camerahoeken en het gebruik van lichtbundels.”

Er zijn meer films waarin robotachtigen hun sterfelijkheid en hun verhouding tot de mens onderzoeken, maar wat mij betreft is er niet één zo prachtig en indringend als Blade Runner, die ook ruim veertig jaar na dato nog stevig overeind blijft. Het was een baanbrekende film, die visueel en thematisch een nieuwe toon zette voor ‘urban’ sciencefiction en nadien talloze films, series en games heeft beïnvloed.

In 2017 werd er een waardig vervolg uitgebracht onder regie van Denis Villeneuve: Blade Runner 2049.

Deze film op IMDb
Klik hier als je wil weten waar je deze film kunt kijken
Scroll door voor een heleboel weetjes. Let op: die kunnen spoilers bevatten, dus pas lezen als je de film hebt gezien.

 

Rick Deckard / Harrison Ford
Pris / Daryl Hannah
Rachael / Sean Young
Roy Batty / Rutger Hauer
Leon Kowalski / Brion James
Zohra en de slangendans
Gaff en zijn Cityspeak
Blade Runner en The Shining
Opnamelocaties
Filmversies

Rick Deckard / Harrison Ford 
Regisseur Ridley Scott was nauw betrokken bij de casting. Die verliep moeizaam, vooral voor de hoofdrol van Deckard. Scenarist Hampton Fancher zag tijdens het schrijven van de dialogen Robert Mitchum voor zich, het archetype van de vermoeide, cynische noir‑detective, maar die werd nooit benaderd. Volgens productiedocumenten werden wel verschillende andere acteurs overwogen, waaronder Gene Hackman, Sean Connery, Jack Nicholson, Paul Newman, Clint Eastwood, Tommy Lee Jones, Arnold Schwarzenegger, Peter Falk, Nick Nolte, Al Pacino en Burt Reynolds. Regisseur Ridley Scott en de producenten spraken maandenlang met Dustin Hoffman over de rol, maar hij haakte uiteindelijk af vanwege een verschil in visie. Uiteindelijk viel de keuze op Harrison Ford, onder meer vanwege zijn optreden in de Star Wars‑films, zijn interesse in het Blade Runner‑verhaal en gesprekken met Steven Spielberg, die net Raiders of the Lost Ark had afgeleverd en Fords werk daarin prees. Na zijn succes in die twee films was Ford bovendien op zoek naar een rol met meer diepgang.

Pris / Daryl Hannah
Scott had een opvallende verschijning in gedachten voor de rol van basic pleasure model Pris. Zijn eerste keus was Debbie Harry, die begin jaren 80 al filmervaring had (o.a. Videodrome, Hairspray) maar ook op het hoogtepunt van haar carrière met Blondie was. Harry wilde de rol graag spelen, maar kon hem niet aannemen. In 2014 vertelde ze in een uitgebreid interview met The Daily Mail: “Waar ik het meest spijt van heb, is dat ik de rol van Pris, de blonde robot in Ridley Scott’s Blade Runner, heb geweigerd. De rol ging uiteindelijk naar Daryl Hannah. Mijn platenmaatschappij wilde niet dat ik tijd vrijmaakte voor een film. Ik had niet naar ze moeten luisteren.”

Daarna mochten vijf actrices, waaronder Monique van de Ven, auditie doen. Elke actrice mocht haar eigen versie van Pris’ make‑up en kostuum bedenken. Daryl Hannah, destijds net 20, koos voor een blonde pruik en clown/punk‑achtige make‑up die gebaseerd was op Klaus Kinski’s uiterlijk in Nosferatu (klik hier voor een foto).

Als Pris door JF Sebastian wordt gevonden tussen het vuilnis, rent ze weg en knalt tegen een wagentje op. Daarmee brak niet alleen de ruit, maar ook Daryl Hannahs elleboog op acht plaatsen. Toch speelde ze de scène gewoon uit. Die opname is gebruikt in de film en te zien in dit fragment.

In het script stond alleen dat Pris acrobatisch was, maar de spectaculaire radslagen en de vechtchoreografie tijdens de confrontatie met Deckard waren Hannahs idee, voortkomend uit haar turn-ervaring. Ze deed niet alles zelf: je ziet Hannah wel vechten en rennen, maar het neerkomen op Deckard, de radslagen en de landing tegen de muur waren te risicovol – waarschijnlijk een verzekeringskwestie – dus daarvoor was een stuntvrouw met turnervaring ingehuurd (vermoedelijk Beth Nufer). Het zijn haar benen die je ziet neerkomen op Deckard. Omdat Ridley Scott de radslagen eindeloos liet repeteren raakte de stuntvrouw uitgeput, en werd tijdens de lunchpauze een mannelijke gymnast opgetrommeld: Mike Washlake. Die is dus te zien tijdens de radslagen en de landing tegen de muur (klik hier voor een foto). De wild schokkende doodsstrijd van Pris is wél weer Hannah. Bij een opname sloeg ze met haar hoofd per ongeluk hard tegen de muur en raakte knock‑out. Ze werd nagekeken door een arts en kon de scène daarna afmaken, al hield ze er wel een hersenschudding aan over. Hier kun je de hele confrontatie tussen Pris en Deckard zien.

Rachael / Sean Young
In het boek zijn Pris en Rachael identiek (beiden Nexus‑6 modellen). Scenarist Hampton Fancher schreef aanvankelijk dicht bij die versie, en in die fase deed de blonde Nina Axelrod een screentest voor Rachael. Later herschreef David Peoples delen van het script en Ridley Scott stuurde steeds sterker op een klassieke noir‑femme fatale. Uiteindelijk viel de keuze op de toen nog relatief onbekende Sean Young, die toen begin 20 was en een glansrijke carrière in het verschiet leek te hebben.

Cinematograaf Jordan Cronenweth had vooral plezier in het filmen van Young door haar lichte huid en haar opgestoken haar, dat hem de gelegenheid gaf om haar van achteren te belichten zonder dat haar gezicht onzichtbaar werd. “Mijn favoriete close-up in de film is de opname van Sean in het Voight-Kampff-interview. Ze houdt een sigaret in haar rechterhand, en het key light stond zó schuin dat het alleen haar haar, nek, hand en de rook van de sigaret trof.”

Hoewel de film de tand des tijds prima doorstaat, is dat bij één scène niet het geval nu we ons bewuster worden van het belang van wederzijdse instemming (consent): de scène tussen Deckard en Rachael, die destijds werd gezien als hot & steamy. Als je weet wat zich achter de schermen afspeelde, krijgt die scène nog meer negatieve lading.

Young had het niet makkelijk op de set. Bekend is dat de opnamen zwaar en stressvol waren: Scott stelde torenhoge eisen aan zijn cast, had problemen met de producenten, en de samenwerking tussen Scott en zijn hoofdrolspeler, Ford (die al bekend stond als lastig, vooral met vrouwelijke tegenspelers), verliep niet soepel. Young was nog heel jong en had weinig ervaring, en moest zich staande houden tegenover doorgewinterde acteurs als Hauer en Ford terwijl ze een complexe rol moest spelen.

Op de set kon ze speels zijn, ze nam bijvoorbeeld altijd haar Polaroidcamera mee en nam met iedereen selfies avant la lettre. Sommige cast- en crewleden ervoeren haar speelsigheid op de set als een luchtig tegenwicht in die gespannen sfeer, anderen (vooral Ford) ergerden zich eraan, en dat is waar achteraf de nadruk op kwam te liggen. Dat was niet het enige. In latere interviews vertelde Young dat Scott toenadering had gezocht en zij hem had afgewezen, en dat dat directe invloed had op hoe de beruchte ‘liefdesscène’ met Harrison Ford werd geregisseerd.

Nadien werd Young als ‘moeilijk’ bestempeld, maar het is aannemelijker dat ze zich niet conformeerde aan de ongepaste machtsuitoefening en het seksisme in Hollywood. Dat wordt ook bevestigd door het feit dat ze later steeds meer moeite kreeg om grote rollen te bemachtigen terwijl ze heel getalenteerd was. Er zijn duidelijke aanwijzingen dat ze door invloedrijke regisseurs en studio’s werd gepasseerd voor grote rollen. Analyses en profielen (o.a. Far Out Magazine, Business Insider) plaatsen haar ‘blackballing’ in de bredere context van hoe Hollywood destijds vrouwen die zich verzetten tegen machtsmisbruik vaak buitensloot. Ook latere incidenten lieten zien dat vrouwelijke acteurs disproportioneel hard werden afgerekend op conflicten met invloedrijke mannen.

Roy Batty / Rutger Hauer
Ridley Scott castte Rutger Hauer voor de rol van de gewelddadige, maar hoogst intelligente Roy Batty zonder hem ooit persoonlijk ontmoet te hebben, louter op basis van wat hij van Hauer had gezien in de films van Paul Verhoeven die internationaal waren uitgebracht (Kaatje Tippel, Soldaat van Oranje en Turks Fruit). Scott vond dat Hauers uiterlijk en intensiteit perfect pasten bij de rol van Batty, en zag in Hauer een acteur die tegelijk dreiging en kwetsbaarheid kon belichamen. Philip K. Dick, de schrijver van het boek waar de film op gebaseerd is, vond Hauer de perfecte Batty – kil, Arisch, onberispelijk.

Tijdens de opnamen dacht Hauer actief mee over zijn personage. Hauer stelde bijvoorbeeld zelf voor om zijn haar wit te bleken en een zwarte leren outfit te dragen, en bracht – ook door zijn eerdere fysieke acteerervaring in onder meer Nighthawks – ideeën in voor de choreografie van vechtscènes. Zijn invloed ging verder dan alleen Batty’s uiterlijk: Hauer wilde Batty niet alleen als vlakke slechterik spelen, maar als een tragische figuur die schoonheid en verlies ervaart.

Het meest bekend is Hauers aanpassing aan de monoloog waarin Roy Batty reflecteert op zijn leven en naderende dood.
De oorspronkelijke tekst van scenarioschrijver David Peoples luidde:
“I’ve seen things… seen things you little people wouldn’t believe. Attack ships on fire off the shoulder of Orion bright as magnesium… I rode on the back decks of a blinker and watched C-beams glitter in the dark near the Tannhäuser Gate. All those moments… they’ll be gone.”

Hauer vond de tekst te zwaar aangezet, te high‑tech en zonder duidelijke samenhang met de rest van de film. De avond vóór de opname herschreef hij de monoloog, zonder dat Scott het wist, en voegde een zinnetje toe:
“I’ve seen things you people wouldn’t believe. Attack ships on fire off the shoulder of Orion. I watched C-beams glitter in the dark near the Tannhäuser Gate. All those moments will be lost in time, like tears in rain. Time… to die….”

Toen de scène met Hauers versie werd gedraaid, zou de crew hebben geapplaudisseerd en zelfs gehuild. De monoloog staat inmiddels wereldwijd bekend als de ‘Tears in Rain Monologue’ en heeft zelfs een eigen (Engelstalige) Wiki-pagina. In zijn boek Hollywood Science (2007) noemt Sidney Perkowitz Batty’s laatste woorden dé grote monoloog van de sciencefictioncinema, omdat ze de perfecte mix omvatten van de menselijkheid en de kunstmatigheid van de replicant. Ook Hauers zachtaardige voordracht wordt geroemd. Jason Vest noemt deze in zijn boek Future Imperfect: Philip K. Dick at the Movies (2009) bijvoorbeeld hartverscheurend, omdat Hauer op subtiele wijze Batty’s korte leven vol herinneringen, ervaringen en verlangens voelbaar maakt. Zo groeide de scène uit tot een iconische nalatenschap van Rutger Hauer, die in 2019 op 75‑jarige leeftijd overleed.

Frank McRae (links) in Rocky II (1979)

Leon Kowalski / Brion James
Ridley Scott had aanvankelijk Frank McRae in gedachten voor de rol van Leon Kowalski, maar toen Brion James auditie deed veranderde hij van gedachten. James schreef later in zijn memoires dat het alles te maken had met de ‘scare factor’. Hij had een paar dagen voor zijn auditie een auto‑ongeluk gehad, waardoor hij onder de korstjes en blauwe plekken zat. Ridley Scott vond die uitstraling blijkbaar geweldig, en vroeg na de auditie aan zijn secretaresse wat ze vond van James. Zij antwoordde: “Die vent jaagt me de stuipen op het lijf!” Zo versloeg Brion James door zijn angstaanjagende uitstraling Frank McRae voor de rol in Blade Runner.

Zohra en de slangendans
In het script stond dat Zhora een slangendans zou uitvoeren in een nachtclub. Joanna Cassidy, die Zohra speelde, trainde dus zes weken met een slang en choreografie. Helaas: de productie liep al uit de planning en Ridley Scott besloot de dans niet te filmen om tijd te besparen. In de film ontmoet Deckard Zhora backstage, waar ze net klaar is met haar optreden. De dans wordt alleen gesuggereerd via dialogen (“watch as she takes pleasure from the serpent”), maar nooit getoond. Voor de 30e verjaardag van Blade Runner in 2012 filmde Cassidy zelf de slangendans met make‑up en slang, en plaatste die op YouTube.

Gaff en zijn Cityspeak
Tijdens het achtergrondonderzoek voor zijn personage, Gaff, bedacht acteur Edward James Olmos het Cityspeak dat Gaff in bepaalde scènes spreekt. Je kunt het horen als hij Deckard ophaalt als die bij de noodle bar zit te eten, of als Bryant Deckard brieft over de ontsnapte replicants. Naast Japans, Spaans en Duits verwerkte Olmos ook elementen uit het Hongaars, Chinees en Frans. In andere straatdialogen wordt Koreaans gesproken.

Blade Runner en The Shining
Dr Eldon Tyrell wordt gespeeld door Joe Turkel, die twee jaar eerder barman Lloyd in The Shining speelde. Dat is niet de enige overeenkomst met The Shining: niet-gebruikte helikopteropnamen van landschappen uit de openingsscène van The Shining werden door Scott gebruikt in de slotscène van Blade Runner’s US Theatrical Cut (dus de versie met de ‘happy end’ en de voice-over van Gaff, voor de kenners).

Opnamelocaties
Je hier kunt hier een overzicht van de opnamelocaties vinden, inclusief foto’s van de belangrijkste locatie: het Bradbury Building in LA, dat bekend staat als architectonisch hoogstandje. Het Bradbury is voor een enorme hoeveelheid films en televisieseries gebruikt. Een van mijn favorieten, ook filmtechnisch, is de videoclip voor Say Something (Justin Timberlake ft. Chris Stapleton, 2018). Niet alleen wordt het interieur mooi in beeld gebracht – de clip, van de hand van Arturo Perez Jr., is in één take en één shot opgenomen, en alles is nog live gezongen ook.

Filmversies
Er zijn zeven verschillende versies van de film, een aantal door de verschillen van inzicht tussen Scott en de producenten, en een aantal door het verkorten of juist verlengen van gewelddadige of seksueel getinte scènes – al of niet bepaald door de eisen van de regio waar de film werd uitgebracht. Mijn persoonlijke favoriet is de allereerste, de US Theatrical Cut. Tegen Scotts wensen in is er in die versie een voice-over door Harrison Ford te horen, die een beetje doet denken aan het droge commentaar in oude pulpfiction detectivefilms. In de filmwereld is een voice-over eigenlijk not done, het wordt ‘lazy writing’ genoemd omdat je weinig aan de eigen invulling van je kijker overlaat, terwijl een goede filmmaker juist in staat moet zijn het verhaal in beelden te vertellen. Het kan zijn dat ik eraan gewend ben (ik heb de film tientallen keren gezien), maar ik vind het niet storend en zelfs passen bij de film. In 2007 werd Blade Runner: The Final Cut uitgebracht ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan van Blade Runner. The Final Cut is de enige versie die volledig voldeed aan Scotts visie voor de film, dus zonder voice-over, met unicorndroom en met een open einde.

In deze making-of van een half uur worden nog meer geheimen blootgelegd.
Ook fan van Blade Runner (geworden)? Dan kan ik je het boek Future Noir: The Making of Blade Runner van Paul M. Sammon, dat vol staat met interviews, foto’s en anekdotes, van harte aanraden.

 

Chief Special Effects Douglas Trumbull achter de originele Tyrell-maquette.

 

Score Fay Per View
Wat is jouw score voor deze film?
[Totaal: 0 Gemiddeld: 0]

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.