Regie: James Cameron
Bijna zestig jaar nadat Ripley in de Narcissus de Nostromo ontvluchtte in Alien (1979), wordt het reddingsschip onderschept en wordt Ripley uit haar hyperslaap gehaald door Carter Burke, een vertegenwoordiger van de Weyland-Yutani Corporation. Kort daarop wordt ze gevraagd om een hele delegatie van het bedrijf uit te leggen waarom ze de Nostromo heeft opgeblazen. Als ze vertelt over de eieren op planetoïde LV-426 en de xenomorph wordt ze niet geloofd, en strippen ze haar van haar officiersstatus.
Dan blijkt dat LV-426 in de tussenliggende jaren gekoloniseerd is. Als het contact met de kolonie ineens wegvalt, wordt Ripley door Weyland-Yutani gevraagd om als adviseur mee te gaan met een groep mariniers om uit te zoeken wat er aan de hand is. Ze gaat met tegenzin mee op het oorlogsschip Sulaco.
Aliens werd niet geregisseerd door Ridley Scott, maar door James Cameron, die ook het script schreef. Cameron had destijds nog niet veel schrijfervaring, maar met wát hij had geschreven had hij wel (vooral commerciële) successen geboekt: de actiefilms The Terminator (1984) en Rambo: First Blood Part II (1985).
Die voorkeur voor actie is ook te merken in Aliens – het is een heel ander beest dan de eerste film. De mariniers zijn bijna karikaturaal, inclusief een schreeuwende, sigaarrokende sergeant en obligate military snare rolls, en waar de Nostromo in Alien nog de mooie vloeiende lijnen had van Chris Foss en Ron Cobb, is het ontwerp van Syd Mead voor de Sulaco totaal anders: hoekig en militair.
Vooral de eerste helft is nogal clichématig, met soldaten die stoer lopen te doen en het allemaal niet zo serieus nemen. Het is ook nogal een contrast met de bedachtzame en serieuze scenes met Ripley. Pas in de tweede helft, als blijkt dat ze zich behoorlijk verslikt hebben in de missie, wordt het evenwichtiger en spannender, en komen de verschillende verhaallijnen beter tot uiting.
Ook de kwaliteit van het acteerwerk loopt erg uiteen. Sigourney Weaver is weer fenomenaal (ze werd zelfs genomineerd voor een Oscar, lees onderaan bij de weetjes waarom dat heel bijzonder was), Paul Reiser (Burke), Michael Biehn (corporal Hicks) en Lance Henriksen (android Bishop) leveren prima werk af, en de destijds tienjarige Carrie Henn als Newt, de enige overlevende van de kolonie op LV-426, doet het ook heel aardig (alleen wilde ik haar na het zoveelste hoge, eindeloze gegil zelf aan een xenomorph voeren). De rest is onder de maat, zelfs al hebben ze eendimensionale rollen. Bill Paxton heeft gewoon pech: zijn personage, Private Hudson, is een jankerige klagerd, totaal ongeloofwaardig voor een marinier, maar Jenette Goldsteins Private Vasquez is ronduit tenenkrommend. Niet alleen omdat een witte actrice een stereotypische Latina speelt, maar ze acteert ook nog eens bar slecht.
De special effects en het production design zijn indrukwekkend, zeker voor 1986. De eieren zijn uitgekomen, dus er zijn hordes xenomorphs (gelukkig is het ontwerp niet aangepast!) die minstens even overtuigend zijn als in de eerste film, en de introductie van de Alien Queen is een meesterzet. Ook haar uiterlijk is een prachtige en angstaanjagende uitbreiding van Gigers oorspronkelijke ontwerp. Camerons voorkeur voor praktische effecten, miniaturen en fysieke sets zorgt ervoor dat de film visueel niet gedateerd aanvoelt.
Aliens is, zeker in de tweede helft, lekker spannend en blijft tot het eind toe boeien, al is het duidelijk meer een actiefilm dan de eerste, verfijnde en benauwde future noir. Het is veruit de beste van de eerste generatie sequels.
Deze film op IMDb
Klik hier om te zien waar je deze film kunt kijken
Onder de trailer kun je de weetjes vinden en een ruim anderhalf uur durende making-of op Youtube.
Ben je een Alien-purist? In het artikel De Alien-Franchise kun je alle films- en series vinden op de juiste volgorde, en meer informatie over de namen van alle ruimteschepen in de franchise.
Als je je wel hebt kunnen neerleggen bij de crossover met Predator, kun je op de site ook een chronologisch overzicht vinden van alle Alien- én Predatorfilms en -series vinden inclusief korte beschrijvingen en relevante info, zoals de botsing in de tijdlijnen of de ontwikkeling van Weyland-Yutani.
De totstandkoming van het script
Na het enorme succes van Alien (1979) stapten producenten David Giler, Walter Hill en Gordon Carroll naar de rechter, omdat ze vermoedden dat Fox hen een poot uitdraaide. Fox beweerde namelijk dat Alien geen winst had gemaakt, ondanks een wereldwijde opbrengst van zo’n 106 miljoen dollar op een productiebudget van 11 miljoen.
In 1983 schikte Fox de zaak. Onderdeel van die schikking was dat Alien een vervolg zou krijgen.
Kort daarna werd gestart met de ontwikkeling onder leiding van Larry Wilson, die op zoek ging naar schrijvers. Wilson stuitte op het script voor The Terminator van de toen nog jonge (30) en relatief onbekende Canadees James Cameron. Wilson was zó onder de indruk dat hij meteen naar producent David Giler stapte met de boodschap: “Dit is onze man.”
Cameron werd ingehuurd, en leverde binnen een paar dagen een treatment van 43 pagina’s in. Dat werd niet meteen opgepakt: Fox zat midden in een interne reorganisatie en het was niet het moment om een duur vervolg te financieren.
De productie van The Terminator duurde door vertragingen maanden langer dan gepland (op Wiki staat dat dit kwam door een conflict met Schwarzenegger, maar dat klopt niet. Arnie was contractueel verplicht om eerst Conan the Destroyer af te maken zodat alleen de scènes zonder hem opgenomen konden worden, en Linda Hamilton raakte ook nog eens geblesseerd). Dat gaf Cameron wel de tijd om een veel uitgebreidere versie van het Aliens-verhaal te schrijven.
Die versie bleef liggen tot er in 1984 een nieuwe studiobaas bij Fox kwam: Larry Gordon. Hij vond het Aliens-dossier, bekeek The Terminator en begreep niet waarom Camerons idee nooit was opgepakt. Fox besloot dat James Cameron Aliens mocht schrijven én regisseren als The Terminator (1984) een hit werd. En dat werd -ie, dus Cameron kreeg groen licht. Samen met Gale Anne Hurd ging hij in 1985 in volle vaart de preproductie in, met een release in 1986 als doel.
Inspiratie en ontwerpen
Cameron gebruikte onder andere de Vietnamoorlog als inspiratiebron voor Aliens. De mariniers in de film waren volgens Cameron net als de Amerikaanse soldaten in deze oorlog; technologisch superieur aan de tegenstander, maar toch in het nadeel vanwege de vijandige en onbekende omgeving waarin ze moesten vechten.

Syd Mead, die eerder aan had samengewerkt met Ridley Scott voor Blade Runner (1982), ontwierp onder meer de sets en de voertuigen. Een van zijn eerste ontwerpen van het ruimteschip Sulaco was een groot rond schip, maar de producers waren bang dat het buiten beeld zou vallen gezien het formaat van de film. Daarom maakte hij de vorm meer als die van een raket. Voor het ontwerpen van de shuttle liet Mead zich inspireren door de F-4 Phantom II en AH-1 Cobra.

Concept-artist Ron Cobb leverde eerder ontwerpbijdragen aan Alien, en deed dat ook voor Aliens, waaronder zijn semiotisch systeem: de Weyland‑Yutani branding, de Sulaco‑patches, de kleurcodering van de dekken, de waarschuwingssymbolen op deuren, luiken en consoles, de cargo‑labels in de laadruimtes, de crew‑badges en jumpsuit‑markeringen. In dit fijne filmpje van 11 minuten wordt dat uitgebreid uitgelegd en kun je nog meer voorbeelden zien.
Sigourney Weaver
Toen Sigourney Weaver het script toegestuurd kreeg, was ze in Frankrijk voor de opnamen van One Woman or Two (1985, met Gérard Depardieu). Ze las Camerons scenario dus pas terwijl de preproductie al in volle gang was. Hoewel ze moest wennen aan de nadruk op actie was ze meteen geïnteresseerd, natuurlijk ook omdat ze zo’n sterke rol had gehad in Alien. Omdat Weaver Ripley door en door kende, stond Cameron open voor haar input. Dat leidde tot verschillende belangrijke aanpassingen in het script, zoals de nadruk op Ripleys trauma en de moeder‑dochterdynamiek met Newt. Weaver vond ook dat er een sterke motivatie moest zitten achter de confrontatie met de Alien Queen – dat werd Newt. Cameron noemde haar intuïtie later ‘essentieel voor de emotionele ruggengraat van de film’.
Overige trivia
Dit is de eerste film in de franchise waarin de naam Weyland-Yutani Corporation hardop wordt uitgesproken (in de eerste Alien is alleen het logo te zien).
Weavers Oscarnominatie was op meerdere fronten historisch te noemen. De Academy nomineert – tot op heden! – zelden of nooit acteurs uit scifi, horror- of actiefilms, laat staan in de hoofdrolcategorie. Weaver was de eerste acteur ooit die werd genomineerd voor een pure sci‑fi‑actie‑film, én ook nog eens de eerste vrouw ooit die werd genomineerd voor een rol als actieheld.
De namen op de helmen en borstplaten van de Colonial Marines (zoals ‘Eat This!’, ‘Adios’ of ‘Fly the Friendly Skies’) waren door de acteurs zelf bedacht en aangebracht.
Cameron moedigde dit aan om de eenheid een Vietnam-achtige ‘soldatenhumor’ te geven.
Paxton improviseerde de zin “Game over, man! Game over!” tijdens een take rond het neerstorten van het reddingsschip, en Cameron vond ’m perfect voor Hudsons paniek.
De iconische Alien Queen was een gigantische animatronic van bijna 4 meter hoog, bediend door 14 mensen met kabels, hydrauliek en stangen. Het team van de legendarische special‑effects‑specialist Stan Winston (die overigens ook had meegewerkt aan The Terminator) bouwde haar in slechts zes maanden.
De Armored Personnel Carrier (APC) was eigenlijk een Schopf vliegtuigtrekker van Heathrow Airport. Hij was zó zwaar dat de vloer van de Pinewood studio’s het bijna begaf.
De scène waarin Bishop razendsnel met een mes tussen Hudsons vingers heen-en-weer prikt, was wel gerepeteerd – maar niet met Paxton erbij. Zijn geschrokken gezicht in de shots van opzij (niet de closeups!) was dus 100% echt. Klik hier voor het fragment.
De binnenkant van de Alien-eieren bevatte koeienmaag, slachtafval en condooms om het slijmerige effect te krijgen. De geur op de set was berucht.
De enorme Power Loader die Ripley bestuurt, werd in werkelijkheid niet door haar aangestuurd. Sigourney Weaver stond aan de voorkant in een harnas, terwijl een stuntman achter haar in het pak stond en de armen en benen daadwerkelijk bewoog. Het hele exoskelet woog zo’n 270 kilo en hing aan een verborgen hijsconstructie aan het plafond, zodat het veilig kon bewegen zonder om te vallen. De armen werkten met contragewichten, waardoor de stuntman ze vloeiend kon bedienen. Omdat Weaver een beetje tegen de bewegingen van de stuntman in speelde, lijkt het alsof ze kracht zet en het echt ding dus echt zélf bestuurt.
Veel mensen denken overigens dat Weaver “Get away from her, you bitch!” improviseerde, maar Cameron schreef de zin precies zo. Weaver leverde het alleen zo venijnig dat de zin iconisch werd. Klik hier voor het fragment.
Het witte spul dat uit android Bishop loopt was een mix van melk en yoghurt, maar die bedierf snel onder de hete studiolampen. Toen Lance Henriksen er na een van de opnamedagen echt ziek van was geworden, werd besloten elke opname een verse mix te gebruiken.


Helemaal mee eens. Is een fantastische film. Ik vond de stoere en mannelijke mariniers een leuke toevoeging in het verhaal.